dinsdag 27 januari 2015

Muizen met rechterhanden

Mijn werkmuis. Lid van het Triumviraat van Trouwe
Kameraden Tijdens Mijn Werkdag. De andere
twee leden zijn uiteraard Toetsenbord en Koffiemok.
Ik werk met computers. De hele dag. Dus ook met een muis. Zo'n halve-ei-vormig ding met een snoertje dan natuurlijk, en niet zo'n beest dat piep zegt en kaas eet. Ik kan het met allebei de handen, hoewel ik linkshandig muizen meestal net iets prettiger vind, makkelijker. Mijn fijne motoriek is links misschien iets beter, ook omdat ik links schrijf. Maar toen mijn linkerarm en -schouder wat begonnen op te spelen, ben ik maar weer eens een poosje rechts gaan muizen, want je moet toch meestal best wel wat afmuizen op een gemiddelde dag en zo krijgt mijn linkerkant weer een poosje rust. 

in het begin voelde het wat onhandig, zoals altijd wanneer ik van muisarm wissel. Je moet even wennen dat je 't weer met de andere hand doet, maar dat duurt maar een paar dagen van "oh jee wat voelt dit wel heel erg ongemakkelijk" waar je even doorheen moet en daarna voelt 't weer als helemaal normaal. Verder verwachtte ik ook eigenlijk niks bijzonders te ontdekken.

Wat me daarom totaal verraste en wat ik dus kennelijk helemaal vergeten was van mijn vorige rechterhandmuizenperiode, is hoe veel makkelijker rechts muizen bleek te zijn als je ook veel sneltoetsen gebruikt. Ctrl-C-Ctrl-V'en gaat toch een stuk sneller als je rechtshandig muist en dus je ene hand niet van de muis hoeft te halen terwijl je met je andere hand kopieert en plakt. En zo zijn er meer dingen, die toch voor rechtshandigen veel makkelijker blijken te zijn dan voor de tien-ofzo-procent linkshandigen waar ik bij hoor. Alt-tabben bijvoorbeeld. En ctrl-tabben. Escapen. Ctrl-D-en voor een bookmark in je browser te maken. Ctrl-S-sen om op te slaan. Van die dingen. Kleine dingen, waar je normaal eigenlijk nooit bij stilstaat. Waar ik tenminste nooit bij stilstond totdat ik besloot om een poosje rechtshandig te muizen. 

En dat maakt dat ik me afvraag wat nog meer anders is als je 't met rechts doet in plaats van links. Schrijven wist ik al, als linkshandige op de lagere school met een verplichte vulpen schrijvend kreeg ik altijd en eeuwig klachten dat mijn huiswerk niet te lezen was omdat de letters uitgeveegd waren en dat ik toch eens netter moest schrijven. Plus dat mijn hand altijd onder de inkt zat. Gelukkig mocht je op de middelbare school met een balpen schrijven, en daar was ik dan ook erg blij mee, want prompt kon ik ineens netjes schrijven.

Ook moet ik denken aan de kopjes die we op 't werk een paar jaar geleden hadden, er stond een slogan aan de binnenkant (iets met de toen net nieuwe interne bedrijfswiki meen ik me te herinneren) die je alleen zag als je 't kopje aan het oortje met je rechterhand oppakte. Aangezien ik dat meestal met links doe, was ik heel verbaasd om na heel veel maanden ineens die tekst te zien :) terwijl mijn collega's verbaasd uitriepen: "Nou jaaaaaaaa, hoe kun je dát nou over het hoofd zien!?" en ze zelf linkshandig koffie drinken moesten proberen om te ontdekken wat ik bedoelde. (alle erbijgeweesters hebben het wel allemaal geprobeerd trouwens; kudos!)

Zouden er ook dingen zijn die voor linkshandigen makkelijker zijn? Misschien is bijvoorbeeld met vork en mes eten instinctief iets makkelijker met links. Ik zie veel rechtshandigen altijd eerst de vork in de rechterhand en het mes in de linkerhand pakken tenminste, alsof de boel eigenlijk precies verkeerdom ligt voor de meeste mensen. 

Toch eens gaan opletten. Vooral op die kleine dingetjes waar je normaal nooit over nadenkt.

donderdag 22 januari 2015

Weg van alles

Soms wil ik weg. 
Weg van alles. 
Eigenlijk vooral op die bekende baaldagen dat alles tegen lijkt te zitten. Wakker worden met hoofdpijn. Je teen stoten 's ochtends bij het aankleden. Apocalyptisch ogende berichten met sensationele koppen in de digitale krant. Rekeningen op de deurmat. De bus te laat. Werk dat tegenzit. Je kent het vast wel.


En dan wil ik soms weg. Ver weg. Weg van alles, weg van alle gedoe en gezanik.


In mijn hoofd ga ik al vaak weg: ik lees boeken, ik schrijf gedichten, ik speel Runescape. Ik fantaseer over écht weg. Met een kamper of zo, gewoon stoppen waar het mooi en gezellig lijkt en weer verder als je er zat van bent. Geen vast huis meer, maar een meeneemhuis, net als een slak die zijn huisje altijd bij zich heeft. Of als in verhalen, met een knapzak over de schouder. Soms lijkt me dat zalig. En dan natuurlijk niet over de snelweg rijden, maar binnendoor. Met een dik boek met kamperplaatsen op de bijrijderstoel altijd maar reizen, bijna als een zigeuner. Of als Doctor Who misschien met zijn Tardis.


Europa is best groot.
En dan is de rest van de wereld er ook nog, Azië, Amerika, Oceanië.
De wereld is mooi.


Pittoreske dorpjes, mooie landschappen, stoppen waar je maar wilt en verder reizen als je er zat van bent. Een kennis heeft dat vorig jaar gedaan in Australië, en de foto's en verhalen die ze op facebook postte waren hardstikke gaaf. Stiekem leek zoiets mij ook wel wat, al moet je natuurlijk wel goed voor jezelf kunnen zorgen op al die plaatsen waar je niemand hebt om op terug te vallen. Je moet wel weten waar je mee bezig bent, dus. Helemaal daar in Australië waar zo ongeveer alles mega-giftig is en een groot deel van het land min of meer woestijn is.


Het leek me wel eng toen ze er over vertelde, maar ik bewonderde haar ook erg veel dat ze dat toch zomaar deed. Het leek me wel wat, zo iets helemaal-weg-achtigs.


Echt helemaal weggaan kan niet, dat weet ik wel. Je hoort een vaste plek hebben om te wonen en belasting te betalen. En om dat te kunnen heb je een baan nodig, en ook daarvoor heb je een vaste woonplaats nodig. Zo zijn de dingen nu eenmaal. En bovendien is het toch wel fijn om een vaste plek te hebben om naar terug te gaan en thuis te komen, dichtbij je familie en zo.


Maar toch denk ik soms: stel dat het kon. Met een knapzak op de rug de wijde wereld in, weg van alles. In het eindelijk doorgebroken winterzonnetje zit ik er met open ogen van te dromen.

dinsdag 23 december 2014

Waar te beginnen?

Van de zomer heb ik een broodbakmachine gekocht. Ik had over zelf brood bakken gelezen, maar dat las alsof het best ingewikkeld was: het deeg mocht niet te droog, niet te plakkerig, niet te zus en niet te zo wezen. Er stond bij dat je 't door een broodbakmachine zou kunnen laten kneden, en zelfs bakken. Dus heb ik er na wat sparen een gekocht, en daar stonden ook gelijk recepten in de handleiding. Een mooi startpunt om te beginnen met zelf brood bakken.

En dat doe ik, meestal. Soms vergeet ik 's avonds de machine te vullen en aan te zetten, en dan ben ik de volgende ochtend blij dat ik supermarktbrood in de diepvries heb. Meestal laat ik de machine gewoon volkorenbrood-met-de-helft-minder-zout-als-in-t-recept-staat maken, maar soms doe ik er wel wat bij: een beetje cacaopoeder, of een beetje van het water vervangen door sinaasappelsap, of wat uit het potje "italiaanse kruiden" uit de supermarkt met een aan stukjes gesneden paprika. Gaandeweg werd ik driester en begon ik zelfs op internet te neuzen, zo heb ik een keer bananenbrood gemaakt en heb ik nog wat andere probeerdingen op 't verlanglijstje staan. Soms, als 't niet gelukt blijkt te zijn, ben ik blij dat ik supermarktbrood in de diepvries heb.


Maar meestal gaat dat eigenlijk best aardig, dat zelf brood bakken. Nou ja, niet echt zelf natuurlijk, want de machine doet 't werk.

Dus groeit in mij het verlangen om ook eens wat meer diner zelf te gaan koken. Of het in elk geval te proberen, wie weet zou ik dat zelfs wel leuk kunnen gaan vinden. Als je 't nooit probeert, weet je 't ook nooit. Momenteel kook ik niet echt, dat wil zeggen niet zoals die mooie plaatjes die je op internet vaak ziet, maar eetbaar is 't resultaat meestal gelukkig nog wel :).

Meestal roerbak ik zo'n beetje (want ze zeggen dat dat beter is voor de vitamientjes in de groente): gesneden aardappels in de wokpan, groenten er bij, een beetje roerbaksaus-uit-het-potje er bij en hopen dat het resultaat eetbaar is. En het gebeurt ook regelmatig dat ik een magnetronmaaltijd haal, vooral na een rotdag. Daarmee wordt het "koken" dus wachten op de ping terwijl je schuldig bedenkt dat er niet eens tweehonderd gram groente in het pak zitten, laat staan vijfhonderd gram. En ze zeggen dat je vijfhonderd gram groente op een dag moet eten, want gezond. Ik vraag me altijd af hoe ze dat doen: vijfhonderd gram is best veel.

Dus dacht ik mezelf eens te gaan verdiepen in koken, want ze zouden groenten vast gewoon heel lekker klaarmaken, dacht ik. Dat wil zeggen, dat moet toch kunnen? Groente lekker klaarmaken? Ik ben totaal geen groente-eter, maar ik veronderstel dat je zelfs gróente lekker klaar kunt maken. Dus ik op internet eens gaan rondneuzen. Nou, dan voel je je meteen hopeloos verloren, want er is véél! Je weet gewoon niet waar je beginnen moet! De moed zakte me na een uurtje surfen weer in de schoenen.

Een paar weken later was ik in de stad, dus ben ik eens gaan kijken bij de boekwinkel in de Guldenstraat. Van der velde of zo is dat tegenwoordig. Daar bleken ze ook heel veel boeken te hebben: het leken er echt honderden, over frans en italiaans en chinees en japans en noem het allemaal maar op. Ik stond er even naar te kijken, bekeek wat kaften en las wat flapteksten. En voelde me hopeloos verloren. Waar moest ik in vredesnaam beginnen??

Toch denk ik dat ik nog steeds wel eens tijd wil maken om mezelf te leren koken. Anderen kunnen dat ook, dus moet ik dat ook kunnen leren.

Maar eerst moet ik denk maar eens gaan beginnen met bedenken waar ik eigenlijk wil beginnen.

dinsdag 16 december 2014

Ruzie om een fles wijn

Het is weer de tijd van het jaar. Kerstpakketten. Of kerstattenties. Hoe je 't ook noemt, zo rond deze tijd wordt 't weer uitgedeeld. Wij kregen vandaag een mail dat we eentje konden ophalen in kamer zoveel. Dus ik naar kamer zoveel.

Blijkt de kerstattentie te bestaan uit een reep chocolade en een fles wijn. Nou drink ik geen wijn en hou ik niet zo van chocolade (gek eigenlijk, niet houden van chocola; vroeger was ik er dol op maar tegenwoordig? Jègh! En warme chocolademelk vind ik dan weer wel heel lekker). 
Onze kerstattentie bleek dus te bestaan uit twee dingen die ik stiekem niet zo blief. Dus had ik eigenlijk niks. 

Het stemmetje in mijn achterhoofd vond dat hélemáál niet leuk en het begon meteen te razen en te tieren. Ik ging het stemmetje in gedachten op de tenen staan, beheerste me, lachte beleefd en bedankte vriendelijk. Tenslotte was het goed bedoeld, dus het stemmetje in mijn achterhoofd kon het dak op!

Maar zo makkelijk geeft het stemmetje het meestal niet op, dus nu ook niet. Het wachtte alleen zijn  kans af. Toen ik later bij de bushalte een beetje om me heen stond te kijken en goedgehumeurd aan niks stond te denken, gooide het plotsklaps zijn volle gewicht in de strijd. Op die typische gemene, vijandige en totáál onredelijke stemmetje-in-het-achterhoofd-manier gaf het mij de schuld en deed het zijn best om mij de put in te schreeuwen:

"Zie je wel! Dat komt omdat je stom bent!! En abnormaal!! En anders en niet erbij horend en niks waard! En had ik al geschreeuwd dat je stom bent?!!"

Zo raasde en tierde het stemmetje in mijn achterhoofd. Gelukkig heb ik ook nog ergens een flinke dosis gezond verstand en dat besloot daarop tot tegenmaatregelen. Denkend aan de mindfulnesscursus die ik eerder dit jaar mocht doen begon ik te letten op mijn ademhaling terwijl ik me fanatiek concentreerde op de vorm van een stoplicht dat even verderop rustig op rood stond te staan. "Stop", zei het stoplicht tegen mij. "Stop en haal adem."  

En zo stond ik mindful wezend op ademen lettend rustig te wachten tot het stemmetje uitgetierd was. Waarop mijn verstand tegen me zei: "ach het was toch goed bedoeld? (antwoord van het stemmetje: "de weg naar de hel is geplaveid met goede bedoelingen!") Je bent  misschien anders maar daarom niks minder of meer, net zo goed als alle andere mensen". En na een heel flink poosje "doorgaan met ademhalen" (zoals mijn Oma het gezegd zou hebben) en naar de discussie tussen mijn verstand en het stemmetje luisteren, kwam de achtbaan in mijn hoofd weer in wat rustiger vaarwater.

Toen ik thuiskwam, lag de deurmat tjokvol kerstkaarten. 
Dat vrolijkte het stemmetje meteen weer op. "Zie je wel", zei mijn verstand liefdevol tegen het stemmetje, "we horen er wel bij, mensen vinden ons heus wel aardig en lief ook als we anders zijn.". En zo kwam ook dit keer weer helemaal goed met de ruzie tussen mij en mezelf om een fles wijn.

Ik hou van kaartjes!
En van het leven, dat er voor zorgt dat je ze juist op zo'n moment krijgt.

donderdag 13 november 2014

Niet te bevatten: Rosetta, Philae en Komeet #67P

Ergens, vijfhonderd miljoen kilometer van hier in de lege kou en eenzame duisternis van de ruimte, is een machientje ter grootte van een wasmachine geland op een badeendvormige sneeuwbal van een kilometer of vier groot. Er waren wat problemen en vragen en onzekerheden, maar toch. Hij is geland. De sneeuwbal in kwestie is zo klein dat 'ie vrijwel geen zwaartekracht heeft: het machientje weegt op aarde iets van 100kg zeggen de heren en dames sterrenkundigen, maar dáár schijnt het net zoveel te wegen als een velletje papier of een pingpongbal of zo hier doet. Het ding kan dus zomaar weer weg waaien. En de sneeuwbal is een komeet onderweg naar de zon, dus er is alle kans op wegwaaien.

Niet te bevatten. 
Schieten op een vlekje stof dat zo gigantisch ver weg is, en dan nog raak schieten ook. 
Da's knap.

Tien jaar geleden vertrok een ruimtevaartuigje van onze europese ESA om op weg te gaan naar een komeet. Een poosje geleden is Rosetta (zo heet het ding) aangekomen en afgelopen woensdag is de lander die Rosetta meegenomen had (en die Philae heet) succesvol geland op een komeet. Op die badeendvormige komeet waar de afgelopen maanden zoveel foto's van overal rondzwerven. Ongelooflijk. Terwijl ik dit typ zit ik weer vol bewondering te grijnzen achter de monitor; de kleine sterrenkundige in mijn achterhoofd gaat helemaal uit haar dak van enthousiasme en zat woensdag aan het eind van de middag vol spanning naar de webcast van de ESA te kijken.
 
Nog nooit vond ik het zo spannend om een heel half uur te kijken naar een scherm waarop te zien was hoe mensen naar een schermpje keken.

't Is niet te bevatten, tien jaar en vijfhonderd miljoen kilometer.
Tien jaar onderweg: toen Rosetta in 2004 gelanceerd werd, bestonden smartphones nog niet eens. En facebook niet, en twitter niet. Gmail kwam in 2004, en Windows en Lindows (ja mede-nerds, dat was toen nog Een Ding) hadden ruzie over elkaars naam en "blog" was het woord van het jaar. 
Vertis was nog Vertis en van overname was nog geen sprake. We hadden amper twee jaar de euro en we verlangden nog collectief terug naar guldens. 2004 was ook het jaar van de aanslagen in Madrid, de start van het proces tegen Saddam Hussein, de zomerolympische spelen in Athene en de eerste release van het Unix-OS Ubuntu. We begonnen op te krabbelen uit de put van de ergens in 2001 geknapte internetzeepbel.  

En dan die afstand. 500 miljoen kilometer. Ik heb 't eens uitgerekend en da's ongeveer 12.500 keer om de aarde heen. Da's vijf miljard voetbalvelden. Da's tien miljard baantjes in een 50-meter-zwembad. Stel dat je tien seconden over één baantje doet (geen idee of dat realistisch is eigenlijk, maar 10 seconden is een mooi rond getal), dan moet je zo'n 3171 jaar op topsnelheid blijven zwemmen om die afstand te halen. Of stel dat je in een auto zit die 120 kilometer per uur rijdt, dan moet je 475 jaar blijven doorrijden, en had je in 1539 moeten beginnen met rijden. Da's zelfs nog voor de gouden eeuw en de tachtigjarige oorlog.

500 miljoen kilometer is ver. 
Heel ver. 
Gigántisch ver.

't Is niet te bevatten, en ik vind het heel erg knap.

En voor de zuurpruimen die vinden dat dit weggegooid geld is, die nodig ik uit om in eigen huis eens te kijken naar alle spullen die een spinoff zijn van diverse ruimtevaartprogrammas: http://spinoff.nasa.gov/Spinoff2008/tech_benefits.html

Naast dingen als bijvoorbeeld tornado- en orkaanwaarschuwingen (oké dat is dan weer vooral nuttig als je in orkaanlanden woont, maar goed), weersvoorspellingen en je gps-navigatiedingetje op de smartphone in je zak. Ruimtevaart blijkt een investering in het leven van onze kleinkinderen en achterkleinkinderen. 

't Is niet te bevatten, ik vind het heel knap dat mensen dit kunnen. 
En durven. 
Want serieus: landen op een komeet! 
Wie bedenkt dat nou? 
Laat staan om dat nog te gaan doen ook!

Ohja; en tenslotte nog even de fantastische XKCD  over de komeetlanding. Let vooral op het Status Report rechtsonderin; dat wordt steeds grappiger en meliger :)

zaterdag 1 november 2014

Op een bankje

Op een bankje 
Heerlijk rustig op een bankje
Op een bijna leeg perron

Op een bankje
Stil genieten op een bankje
Van de warme herfstzon 

vrijdag 24 oktober 2014

Schaarse stilte


Tegenwoordig krijg je overal ongevraagd muziek om je oren geslagen: in de kledingwinkel, tijdens de koffie in het kleine restaurant, in de lift, in de wachtkamer van de tandarts en in de wachtrij bij de telefonische helpdesk. In het restaurant een poosje geleden had de Cubaanse muziek best wel een stuk zachter gekund. In het winkelcentrum mogen ze van mij de muziek wel uit laten. 

Niks rustig lopen, zitten, zijn. Muziek is overal. Muziek is gratis, lijkt wel, want het wordt immers overal ongevraagd aan je opgedrongen. Ergens weet je wel dat dat niet zo is natuurlijk en dat er muzikanten hard voor moeten werken, maar als je ergens binnenstapt en weer eens met niet-zo-fijne te hard staande (en dan ben ik nog wel slechthorend) muziek te maken krijgt, is dat soms wel irritant.

Eigenlijk is het nergens meer echt stil. Behalve thuis dan, en daar heb ik maar zelden muziek aan. Een teevee heb ik niet eens meer. Zalige stilte is dat dan. Luisteren naar het gedrup van de regen buiten, wind die ruist - of stormt - in de bomen, en in de lente in de ochtend naar zingende vogels. Of gewoon luisteren naar het niks.

Stilte lijkt bijna wel een bedreigde diersoort.

Maar dat is natuurlijk niet altijd zo geweest. Ooit waren er geen radio's of teevees of mp3spelers-met-duizend-liedjes-in-je-binnenzak. Dan was het stil thuis, als je alleen woonde (áls je alleen woonde, dat gebeurde natuurlijk niet zoveel vroeger). Als je dan muziek wou horen moest je een heel eind lopen of fietsen (want auto was duur en luxe) naar een gelegenheid waar ze een jukebox hadden, en waar je dan naar Bill Haley of zo kon luisteren. "Muziek luisteren" was een activiteit op zich.
En nog vroegerder, voor de jukebox en voor de fonograaf kon je alleen naar muziek luisteren als je het zelf maakte. Ze zeggen dat wij met ons allen toen ook veel meer zongen, bij het werk en 's avonds met het gezin en zo meer. En ik kan me heel goed voorstellen dat bijvoorbeeld een groep matrozen aan boord van een schip zeilen hijst terwijl ze samen een shantylied zingen. Dan blijf je ook lekker in het hijsritme met elkaar. 

Soms zou ik best wel eens in een tijdmachine willen stappen om te zien of dat echt zo was. En wat ze dan zongen. Maar ja, klanken fossileren niet. Dus dat kan niet.

Tenzij een echte Willy Wortel een vasofoon uitvindt, natuurlijk. 

In de tussentijd geniet ik graag van de stilte. 
Van die o zo schaarse en o zo zalige stilte.