dinsdag 22 juli 2014

Samen koffie halen

Acht jaar geleden zat ik een zomer voor Ordina bij het World Food Programme in Rome.
 
Wat? Acht jaar geleden alweer??.

Ja, acht jaar geleden alweer. Laatst kwam ik bij een opruimactie mijn reisverslagen van toen weer tegen op mijn website. Met veel plezier heb ik die al herinneringen ophalend zitten lezen, en nog altijd ben ik zo trots op die klus dat ik hem pontificaal op mijn site laat staan. Píeker er niet over om hem weg te halen. 

Een van de typische dingen van daar, was dat ze geen koffieautomaten hadden op de diverse verdiepingen/afdelingen. Hier in Nederland hebben de meeste bedrijven dat wel, een koffieautomaat op elke verdieping. Soms zelfs meer dan één. En soms hebben die automaten ook koud water, of staat er een waterkoeler naast die koud water geeft. En we halen allemaal koffie bij de koffieautomaat en drinken hem op achter de computer tijdens het werk. Met als gevolg dat je heel gedachtenloos drinkt, en de koffie niet eens echt proeft. Misschien maar beter ook, met automatenkoffie. Automatenkoffie heeft niet zo'n goede naam, qua smaak. 

Maar daar bij het WFP hadden ze geen koffieautomaat. Als je koffie wou, moest je naar beneden naar de kantine. Daar waren cateringmeneren en -mevrouwen die ook koffie konden zetten. Lekkere koffie ook nog. Je kon er de typisch italiaanse waslijst aan koffie's bestellen: americano's, lungo's, cappuccino's, espresso's, ristretto's, noem maar op. Als je drinken op je werkplek wou, kon je een halveliterflesje Evian kopen, van dat bronwater. Die nam je mee naar boven en je vulde hem gedurende de dag dan bij bij de kraan in de wc. Iedereen had dan ook een paar flesjes op zijn/haar bureau staan. 

En als je koffie wou, ging je naar beneden. In ons geval met heel de afdeling, met Jochem en Ferry en Vlado en Martin en alle namen die ik na acht jaar vergeten ben. Erg gezellig was dat. De gesprekken gingen natuurlijk eigenlijk altijd over het werk, maar ook dat was gezellig. En nuttig, want je wist daardoor eigenlijk altijd wel van elkaar wie waarmee bezig was en zo. De ochtendlijke koffiepauze was daarmee een soort van "daily stand-up" (zo'n agile/scrum-ding), Maar dan als dagelijkse "daily canteen-coffee". 

Ja, dat had wel wat. Samen met zijn allen koffie halen in de kantine. 

zondag 20 juli 2014

Peren en sweeties

Ik ben een peer. Qua figuur, dan. Vrouwenfiguren worden door modemeneren en -mevrouwen meestal in hokjes gestopt: appels, zandlopers en peren, bijvoorbeeld. Een appel heeft een zwembandje, een zandloper heeft een wespentaille en een peer is het dikst in de heupen en de bovenbenen. En ik val overduidelijk in die laatste categorie. 

Als dikke peer zijn zomerdagen zwaar. Een rok is lekker luchtig, maar omdat je bovenbenen dan tegen elkaar schuren, doet dat zeer. Vooral als het uiteindelijk gaat bloeden omdat de huid helemaal openligt. Dus trek ik meestal maar een broek aan. Maar da's warm. En jezelf thuis in je heerlijk koele huis verstoppen is ook zo.....tjsa. 

Gelukkig ben ik niet de enige peer die daar last van heeft: Cece Olisa bijvoorbeeld heeft er op haar blog ook het een en ander over geschreven. Zij heeft ook van alles geprobeerd: broekjes, crèmes. Er valt voor vrouwen-met-peren-problemen van alles te vinden aan oplossingen op internet. In dit soort dingen is internet toch iets moois. 

Zelf kwam ik uiteindelijk na veel zoeken en recensies van medeperen lezen uit bij sarahssweeties.nl. Daar verkopen ze broekjes voor onder een rok, met pijpjes. Sweeties noemt ze die. Speciaal ontworpen zodat je bovenbenen niet zo tegen elkaar schuren, staat er bij. Daar heb ik er dus eentje van gekocht en natuurlijk met de huidige warme dagen meteen aan gedaan. En het werkt prima, hij beschermt zonder benauwd aan te voelen. En hij rolt niet op. Het eerste broekje-met-pijpjes dat ik probeer dat niet naar boven oprolt. 

Dus heb ik er natuurlijk gelijk meer besteld! Zodra die binnen zijn, mag van mij de warmte komen. Deze peer is er klaar voor! 

zondag 13 juli 2014

Fietsmuizenissen

Twee jaar geleden kocht ik van mijn vijftienjarigjubileumbonusdinges een nieuwe fiets. Een hele mooie, zij het nogal meisjesachtig roze, fiets. Met een vrolijk gekleurd mandje voorop en alles. Grootse plannen had ik, ik zou elke dag naar het werk gaan fietsen, en gezond doen, enzo. Want beweging is toch goed voor je lijf.

Er kwam weinig van terecht.

De eerste ochtend dat ik dapper op de fiets naar het werk ging, wist ik meteen waarom ik was gestopt met fietsen zodra ik mijn studenten-ov-kaart kreeg. Fietsen, en sporten in het algemeen, was stomvervelend, en nog zweterig op de koop toe ook. Wat voelde ik me vies en goor toen ik op mijn werk kwam. Jakkiebah!
Ik hield mezelf voor dat ik enkel moest wennen, dat ik het de tijd moest geven. Nou ja, er kwam niets van terecht.

Anderhalf jaar later, afgelopen februari, ging ik door mijn rug. Ik moest veel liggen en lopen en had dus weinig te doen, want zitten ging niet. Mezelf doodvervelend bestelde ik een boek bij de bol.com "Health at every size", van Linda Bacon. Want gezond zijn, gezond leven en goed voor mezelf zorgen, dat wou ik nog steeds. Dat wou ik steeds meer zelfs. Heel langzaam begon ik toch te geloven dat het het waard was. Dat ik het waard was om voor te zorgen.

Ergens in dat boek las ik ook een heel stuk over wat de schrijfster over beweging te melden had. Herkenbaar waren de anekdotes over enthousiast naar de sportschool gaan maar je daar volledig weggekeken voelen. Ongeveer zo: http://ingridsgedichten.blogspot.nl/2013/01/rubense-op-de-sportschool.html. De verhalen in het boek over begeleiders die meenden te motiveren door "je kunt het" en zo te schreeuwen, en die op mij altijd een ontzettend demotiverende werking hadden, waren ook terug te vinden in het boek. Ineens voelde ik mij niet zo alleen met mijn sporthaat.

Het boek gaf de tip om het idee van sporten om het sporten op te geven. In plaats daarvan, zo vond het boek, moest ik naar een bewegen zoeken die ik leuk vond. Want iets dat ik leuk vond, zou ik automatisch volhouden. Het boek vond alles goed: elke dag een half uurtje tikkertje spelen met de kinderen was helemaal prima, schreef het. Maar ook wandelen, fietsen, dansen. In bed liggend lag ik na te denken over het leuk vinden van bewegen. Dat had ik nooit leuk gevonden, ik was altijd een echte "bankaardappel" oftewel couch potato geweest. Lekker met een goed boek en een relaxt muziekje op de bank met een kop thee op de salontafel was zo ongeveer mijn idee van de hemel op aarde.

Maar ja, dat bewegen hè? Dat was gezond en dat hoorde bij goed voor jezelf zorgen. En ik begon steeds meer te vinden dat ik goed voor mezelf moest zorgen. Niet voor een ander, maar voor het eerst van mijn leven voor mezelf.

Liggend in bed lag ik na te denken.

Mijn fysiotherapeut had en heeft een klein sportzaaltje er bij. Mijn moeder sport er ook, en vindt het heel fijn, omdat ze je goed begeleiden en in de gaten houden.

Misschien was dat wat. Met mijn fysiotherapeut kan ik goed opschieten, dus was ik er van overtuigd dat als ik hem alles rustig en uitgebreid uitlegde, het wel goed over zou komen. De eerstvolgende keer dat ik weer naar behandeling moest, begon ik er over.

"Ik wil eigenlijk wel eens een keer gaan sporten", zei ik. "Niet voor de sport, niet voor het afvallen en dun worden, niet omdat het goed is voor je lijf, maar om mezelf de kans te geven het leuk te leren vinden". Een sport beoefenen die je leuk vindt, daar was hij meteen voor dus spraken we af dat ik bij hem ging sporten zodra mijn rug er aan toe was. Dan zouden we een beetje cardio doen en een beetje oefeningen ter versterking van de rug. Dan zou ik de kans hebben om van het bewegen te leren genieten en het zou ook goed zijn voor de rug.

Zo gezegd, zo gedaan.

Sinds een twee maanden zit ik dus op fysiofitness. Elke keer een stukje op de loopband, op de rugspieroefeningapparatendingesen en een stukje op de fiets. Hometrainer. Fiets. Dat ding, in elk geval.
Ik moest er wel aan wennen om te sporten, vooral het zweten. Ik zweet nogal snel. Ome Dok zegt dan "ja, da's prima want dat betekent dat jouw natuurlijke koelsysteem prima werkt". Maar ik moest er wel aan wennen. Vond het een vies gevoel. Maar toch, ik sportte. Ik deed wat. Ik kon zeggen dat ik op fysiofitness zat. De fysiotherapeut kent mij al langer dan vandaag, en laat mij dus meestal met rust als ik bezig ben. Af en toe krijg ik een knijpertje op mijn vinger, dan meet hij mijn hartslag en de zuurstofgehalte in mijn bloed. Ze houden je goed in de gaten, daar. Dat voelt veilig.

En langzaamaan begon ik er achter te komen dat ik het poosje op de hometrainer eigenlijk best wel leuk begon te vinden. "Ik heb thuis nog die vijftienfiets staan", dacht ik. Misschien moest ik maar eens kijken in wat voor staat die is.

Meteen kwam mijn denkhoofd met allemaal muizenissen aanzetten. Daar is het goed in, in muizenissen. "Jamaar dan moet je evenwicht bewaren!", dacht het. En: "dan moet je op- en afstappen! Dat is moeilijk!". Ik voelde wel dat het wel even zou duren om die muizenissen los te laten. Want dat het muizenissen waren, dat stond voor mij als een paal boven water. Als ik even van buitenaf naar mijn muizenissen keek, zag ik duidelijk dat het meer  "ja maar daar heb ik geen zin in"-gedachten waren. Ik besloot het wat tijd te gunnen, maar wel alvast die fiets eens na te kijken. De banden oppompen enzo. Het zou dan vanzelf zover zijn dat ik mezelf dapper genoeg voelde om het gewoon te doen: fietsen!

Vandaag, thuisgekomen na het schrijfcafé, had ik ineens zin. Ik haalde de fiets uit de schuur, sloot het huis af en ging op weg naar Kardinge. Een klein rondje. Gewoon even een klein rondje. Alleen maar om mezelf te bewijzen dat ik het wél kon. Het was mooi bewolkt, geen felle zon. Een warm maar niet te warm briesje streek langs mijn blote armen. De bomen ruisten en vogels floten. En ik genoot! Van de ruisende bomen, de fluitende vogels en het gevoel van mijn fietsende lijf. Ziejewel dat ik het wél kon! Ik fietste voorbij de pitch and putt, en remde netjes af voor een paar fietsers die van rechts kwamen. Mijn zadel bleek zo laag te staan dat ik met mijn tenen bij de grond kan, dus afstappen was geen enkel probleem. En opstappen ook niet. Zo makkelijk. Genietend van het weer, de omgeving, de geluiden en de middag fietste ik door, om de Kardingerplas heen bij Lewenborg langs richting Drielanden.

Later kreeg ik het briesje tegen, en hij wakkerde nog aan ook. Gelukkig nog niet erg, al moest ik er nu wel echt voor werken. De wind vond duidelijk dat ik wel wat aan mijn conditie kon werken. Nou, dat kon hij krijgen. Ik fietste door, ondanks dat mijn lijf nu toch wel heel erg begon te zweten, en ook wel moe werd. Maar ik was al een heel eind, en ik wist dat mijn lijf het kon. Voordat ik het wist, fietste ik alweer in mijn eigen straat.

Heb ik me daar op een hele gewone zondagmiddag zomaar een stukje gefietst. En de warme zomerwind alle fietsmuizenissen uit mijn hoofd weg laten blazen.

Ik ga gauw weer een stukje fietsen.

zondag 29 juni 2014

Gedoe op de Grote Markt

Voor het eerst sinds eind februari mijn rug in staking ging, voel ik me weer sterk en vrolijk genoeg om eens stad in te gaan. Het is zondag en dus waarschijnlijk rustig, maar dat maakt niet uit. De Drie Gezusters is vast wel open dus kan ik een kopje koffie kopen dat uitzicht heeft op de Grote Markt. 

Zo gedacht zo gedaan.  

De auto in het Zuiderpark neergezet - en vergetend na te kijken of dat op zondagochtend nog steeds gratis is - en gaan lopen. Lekker een eindje omlopen via de singels en de Rademarkt. Het is meer dan rustig, het is stil. Zo valt het pas goed op dat er eigenlijk inderdaad best wel veel lege etalages zijn met "te huur" er op. Ook een beetje mijn schuld want ik koop vaak ook liever bij een goede webshop dan dat ik stad in moet. Dat is vaak zo'n gedoe, en dan kun je soms nog niet krijgen wat je hebben moet. 

Maar nu is het even leuk om stad in te gaan. Tenminste, ik heb er zin in. 

Op de Grote Markt blijkt al druk gewerkt te worden. Vrachtwagens van Entertainmentverhuurbedrijfdingesen staan uit te laden en er lopen stoere meneren rond met gereedschapsriemen om de middel allerlei metalen stellages in elkaar te zetten. Er worden ook van die grote tenten in elkaar gezet, ik denk voor horeca. Kennelijk is er vanavond wat te doen. 

Eerst vraagt mijn duffe zondagse hoofd zich nog af wat in vredesnaam. Maar even later daagt de herinnering: het Nederlandse elftal moet vanavond tegen het Mexicaanse elftal spelen. En ze wouden daarvoor een groot scherm op de Grote Markt. Want gezellig. Door de TT - en alle berichten daarover op mijn Facebooktijdlijn - was ik dat hele wk even vergeten. 

Ik heb lekker nog geen enkele wedstrijd gezien - als je eenmaal een american footballwedstrijd of een rugbywedstrijd hebt bijgewoond is gewoon voetbal toch een beetje saai in vergelijking - maar toch vind ik het wel leuk dat Nederland het zo goed doet op het wk. 

Jammer alleen dat andere sporten zich niet mogen verheugen in zo veel belangstelling. "Onze" hockeyers bijvoorbeeld hebben het heel goed gedaan op het wk hockey. 

Maar ach, sommige dingen zijn nou eenmaal populair en sommige dingen zijn dat niet. 

Brood en spelen. 
Bier en voetbal. 
Sommige ideeën zijn tijdloos. 



vrijdag 13 juni 2014

Elke dag een astronomisch plaatje


Als kind wou ik altijd astronoom worden. 's Avonds vanuit mijn slaapkamerraam keek ik soms omhoog naar de maan en de sterren en voelde ik me betoverd (ja ook toen was ik al poëtisch aangelegd). In de bibliotheek was de afdeling astronomie een van mijn favoriete hangplekken, zelfs nog voor de afdeling informatica. Met graagte verslond ik boeken over ons zonnestelsel, de planeten, asteroïden en kometen daarin, sterren, pulsars, quasars, zwarte gaten, enorme gaswolken, onze en andere melkwegen. Soms stelde ik me voor dat die sterren leefden, en over ons kleine mensjes zouden denken zoals wij over mieren denken. Of misschien bacteriën. Zoiets als in de Doctor Who aflevering 42.

Astronoom worden leek me wel wat, al leek iets met techniek mij misschien ook wel leuk. Want programmeren doe ik al sinds ik in de derde klas van de lagere school een ZX Spectrum voor mijn verjaardag kreeg. Maar astronomie leek me het leukst. 

Het liep toch iets anders: omdat er toentertijd erg weinig werk te vinden was met een diploma astronomie op zak, ben ik elektrotechniek gaan studeren. Met techniek was je vast en zeker altijd verzekerd van een baan, dacht ik , want de hoeveelheid techniek zou alleen maar meer worden, niet minder. En tenslotte was techniek ook iets leuks, maar dan waar meer werk in te vinden was. 

Toch is de interesse in alles wat aan het zwerk te vinden is altijd gebleven, en met internet zelfs weer sterker geworden. Ergens diep in mijn gedachten leeft die kleine sterrenkundige nog steeds met veel vreugde en joie-de-vivre.


En daarom komt het dat al jaren, sinds de vorige eeuw al, één van mijn favoriete websites de site "astronomy picture of the day" is.

Dat is een site van de NASA, die van de raketten en de spaceshuttles inderdaad, waarop ze elke dag een foto neerzetten van sterren en planeten en grote gaswolken in de ruimte en zo meer, met een paar zinnetjes uitleg van één van hun astronomen. Engels, dat wel, maar dat is gelukkig geen probleem, helemaal niet sinds we het imperfecte doch meestal min of meer begrijpelijk-achtige teksten producerende google translate hebben.

Hartstikke leuk en interessant!

Naast die nieuwe plaat elke dag hebben ze ook een archief. Eentje waarop elke plaat van elke dag vanaf het begin terug te vinden is.


Ze zijn begonnen in 1995.
En elke dag sindsdien hebben ze online staan.


Apodsurfen is dus zo'n beetje mijn meest geliefde hobby!

En een enorme tijdvreter.
Maar wel een hele toffe!

woensdag 28 mei 2014

Een huwelijksbootje vaart langs

Laatst is mijn nicht in het huwelijksbootje gestapt. Helemaal compleet: gemeentehuis, kerkelijk huwelijk en feest 's avonds. Een mooie jurk voor haar en een net pak voor hem. Stukjes 's avonds. 

Die dag moest ik denken aan eerdere bruiloften. Eentje van een vroegere danspartner, bijvoorbeeld. Hij trouwde met een lieve Maleisische dame die hij als expat ontmoet had, ik weet niet meer waar. Ergens in Afrika of zoiets, geloof ik. 
In ieder geval, Maleisisch of niet, de bruiloft was Nederlands en had dus een receptie. En ik weet nog dat ik met een paar expats stond te praten over die receptie. Ze vertelden dat ze dat helemaal niet kenden en het een hartistikke leuk idee vonden. 

Ik herinner me op diezelfde bruiloft een gesprek met een Mexicaanse dame die erg elegant was in haar manieren. Ze vertelde hoe ze daar als jong meisje in getraind was; nog echt ouderwets met een boek op het hoofd door de kamer lopen om en houding te verbeteren. Dat soort dingen. 

Een andere bruiloftsherinnering is er eentje van de bruiloft van een collega van wat toentertijd de afdeling logistiek was van Vertis. We moesten met heel de afdeling een stukje doen, iemand had een tekst geschreven op de muziek van het clublied van de BV Veendam. Om te plagen uiteraard want zijn favoriete voetbalclub was en is voorzover ik weet nog steeds Cambuur uit Leeuwarden. 

En dan ben je ineens weer bij een bruiloft. Dit keer zijn bruid en bruidegom nog "ouderwets jong", begin twintig. Ze kijken elkaar aan en je ziet dat ze veel van elkaar houden. Zo'n lief gezicht, en zo optimistisch, hoopvol en vertrouwen in elkaar en in de toekomst.

Hartverwarmend. 

En ik vraag me af: zou ik het ooit doen? Eigenlijk kan ik het me niet voorstellen. Ook als kind nooit bruidfantasieën gehad, over een mooi feest en een bruidsjurk. 

Ach wie weet. 
Op ieder potje past een dekseltje, toch?

maandag 5 mei 2014

Gatsie wat stinkt dat eigenlijk

Van de fysiotherapeut moest ik liggen en lopen. En zo weinig mogelijk zitten, want dat was slecht voor de rug. Dus liep en loop ik veel, bij mij in de buurt. En aangezien ik aan de rand van de stad woon, is dat ook veel lopen in de natuur. Bomen en gras en vogelgefluit om je heen. De geur van bloemen in de lente. Lekker buiten en frisse lucht. Die dingen.

Dat is nu al meer dan twee maand, en ondanks dat het alweer een heel eind beter gaat met mijn rug, ga ik lekker door met wandelen in de buurt. Eigenlijk voel ik me daar best helemaal prima bij. Niks mis mee, erg fijn zelfs, zo een rondje wandelen. Een paar maanden liep ik lekker in de buurt en de enige winkel waar ik kwam was de buurtsuper bij ons op het pleintje. En ik miste niks, eigenlijk.

En toen moest ik naar de binnenstad. Kon er al langer niet omheen, maar stelde het uit. Want rug.
Maar toen het eenmaal weer wat aan de beterhand was, moest het er toch maar van komen, want ik had echt *heel erg* een nieuwe zomerjas nodig. De bus zag ik nog helemaal niet zitten - staan op de bus wachten, zitten in de bus wachten tot 'ie in de binnenstad is, allemaal dingen die niet bepaald jofel gaan op het moment - dus ik ging met de auto want dat was toch wat makkelijker. Auto in de parkeergarage en het laatste stuk lekker lopen.

Wat me het eerst opviel, was dat ik de binnenstad helemaal niet gemist had. Er was helemaal geen gevoel van "he gezellig". Dat was wel even vreemd want ik had echt verwacht dat ik de drukte en zo gemist zou hebben. Ik ben altijd heel erg een stadsmens geweest, even door de winkelstraten lopen enzo. Dat dacht ik tenminste.

Misschien dacht ik verkeerd.
Of wist ik niet beter.
Of ben ik veranderd.
In ieder geval, ik vond het eigenlijk niks leuk in de stad.
Kan natuurlijk liggen aan het feit dat mijn rug nog niet helemaal beter is, maar goed.
Verrassend was het wel.

In plaats daarvan voelde het saai en ietwat vervelend; allemaal gebouwen en bijna nergens een boom of grasveldje of zo. Geen vogelgefluit maar geronk van langsrijdende bussen.

En ik dacht "Gatsie wat stinken die uitlaatgassen toch eigenlijk!"