zondag 9 april 2017

Ongewenste tijd


(Standbeeld van Chronos in de begraafplaats Staglieno
in Genua - Wikipedia)
Tijd is welbeschouwd maar een raar iets, denk ik vaak. Aan de éne kant willen we er allemaal heel veel van hebben, aan de andere kant doen we ons stinkende best om er zo weinig mogelijk van te hebben. We verlangen met ons allen intens naar weekenden en vakanties en zulks wat meer. Wie is er niet blij met die éne extra paas- of pinkstermaandag waardoor je een dag langer weekend hebt en een dag minder werkweek?

Ongelimiteerde tijd hebben voor van alles en nog wat lijkt veel van ons een zalige luxe: ik weet nog dat een kennis van mij met de VUT zou gaan, en erg vooruit keek naar het moment dat hij niet meer hoefde te werken, want hij had het wel gehad met de plaagdierbestrijding waar hij deel van was. We hadden het er wel eens over, en ik dacht dat hij in het begin best wel in een gat zou vallen: de eerste paar week zullen net vakantie lijken, maar daarna dan? Niemand belt je meer, geen werk meer om naartoe te gaan, niemand die jou meer nodig heeft. Op den duur komen daar wel weer dingen voor terug als je er naar zoekt, maar eerst moet je door dat niks heen.

En inderdaad, na een paar maanden VUT zei hij: "Ingrid, je had gelijk. Ik viel inderdaad in een gat."

Dus tijd is maar een raar ding. Als je 't niet hebt, wil je er veel van, maar als je 't éénmaal wel hebt, wil je 't schijnbaar zo gauw mogelijk weer kwijtraken.

Want als je die tijd éénmaal hebt, wordt er wel van je verwacht dat je iets dóet. Je verwacht het ook van jezelf. Wij mensen móeten iets doen, schijnbaar, zelfs zover dat we onszelf vertellen dat ledigheid des duivels oorkussen is, terwijl we stiekem jaloers zijn op de kat die in de warme zomerzon ledig ligt te wezen. Zoals ik ooit in een stripalbum las: "Ooit waren we holbewoners en aten we bessen in de zon. Nu werken we 48 weken van het jaar keihard om vier weken bessenijsjes te kunnen eten in de zon".

Nee, wij voelen ons geroepen om iets te doen, en we roepen elkaar ook op om iets te doen. Let maar eens op bij jezelf hoe je reageert als iemand je vertelt dat hij of zij een paar weekjes vakantie heeft. Veel mensen vragen dan meteen iets als: "En? Al plannen?", of "En wat ga je doen in je vakantie?" of zoiets.


Vrij hebben of VUT hebben, we moeten wat doen van onszelf. Op vakantie gaan, toeren met de nieuw aangeschafte tweedehandse camper, klussen, gastouderen, noem het maar op. Je moet wat nuttigs met de tijd doen die je ineens in overvloed hebt. Op de één of andere manier verwacht niemand van je dat je lekker lui op de bank hangend gaat netflixen.


Zoiets zie je ook terug in taal: als je het druk hebt, moet je tijd maken, maar als je het rustig hebt, moet je ineens met die gemaakte tijd allerlei gewelddadige dingen doen: tijd moet ineens gedood worden, en uurtjes moeten ineens stukgeslagen worden.

Wat nog eens extra vreemd wordt, als je beseft dat tijd in onze westerse cultuur meestal voorgesteld wordt als een "Vadertje tijd", een Chronos. Zie jij jezelf al de zandloper van zo'n oud mannetje stukgooien? Of zo'n oud mannetje doodmaken, omdat je tijd moet doden? Ik niet.

Nee, tijd is maar een raar iets.
Of je het nou hebt of niet.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen