donderdag 22 januari 2015

Weg van alles

Soms wil ik weg. 
Weg van alles. 
Eigenlijk vooral op die bekende baaldagen dat alles tegen lijkt te zitten. Wakker worden met hoofdpijn. Je teen stoten 's ochtends bij het aankleden. Apocalyptisch ogende berichten met sensationele koppen in de digitale krant. Rekeningen op de deurmat. De bus te laat. Werk dat tegenzit. Je kent het vast wel.


En dan wil ik soms weg. Ver weg. Weg van alles, weg van alle gedoe en gezanik.


In mijn hoofd ga ik al vaak weg: ik lees boeken, ik schrijf gedichten, ik speel Runescape. Ik fantaseer over écht weg. Met een kamper of zo, gewoon stoppen waar het mooi en gezellig lijkt en weer verder als je er zat van bent. Geen vast huis meer, maar een meeneemhuis, net als een slak die zijn huisje altijd bij zich heeft. Of als in verhalen, met een knapzak over de schouder. Soms lijkt me dat zalig. En dan natuurlijk niet over de snelweg rijden, maar binnendoor. Met een dik boek met kamperplaatsen op de bijrijderstoel altijd maar reizen, bijna als een zigeuner. Of als Doctor Who misschien met zijn Tardis.


Europa is best groot.
En dan is de rest van de wereld er ook nog, Azië, Amerika, Oceanië.
De wereld is mooi.


Pittoreske dorpjes, mooie landschappen, stoppen waar je maar wilt en verder reizen als je er zat van bent. Een kennis heeft dat vorig jaar gedaan in Australië, en de foto's en verhalen die ze op facebook postte waren hardstikke gaaf. Stiekem leek zoiets mij ook wel wat, al moet je natuurlijk wel goed voor jezelf kunnen zorgen op al die plaatsen waar je niemand hebt om op terug te vallen. Je moet wel weten waar je mee bezig bent, dus. Helemaal daar in Australië waar zo ongeveer alles mega-giftig is en een groot deel van het land min of meer woestijn is.


Het leek me wel eng toen ze er over vertelde, maar ik bewonderde haar ook erg veel dat ze dat toch zomaar deed. Het leek me wel wat, zo iets helemaal-weg-achtigs.


Echt helemaal weggaan kan niet, dat weet ik wel. Je hoort een vaste plek hebben om te wonen en belasting te betalen. En om dat te kunnen heb je een baan nodig, en ook daarvoor heb je een vaste woonplaats nodig. Zo zijn de dingen nu eenmaal. En bovendien is het toch wel fijn om een vaste plek te hebben om naar terug te gaan en thuis te komen, dichtbij je familie en zo.


Maar toch denk ik soms: stel dat het kon. Met een knapzak op de rug de wijde wereld in, weg van alles. In het eindelijk doorgebroken winterzonnetje zit ik er met open ogen van te dromen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen