Posts tonen met het label wandelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wandelen. Alle posts tonen

maandag 11 februari 2013

Sneeuwklokjes in de sneeuw


Afgelopen zondag na het schrijfcafé en na de lunch had ik zin om even een stukje te wandelen. Het was best wel frisjes buiten, maar ik had een muts en handschoenen in mijn rugzak-aktentas-handtas-geval-dinges gedaan en ik had expres warme sneeuwlaarzen aangetrokken. Dus frisjes was helemaal niet erg.

Toen ik zat te lunchen, leek het nog wel somber, en eventjes sneeuwde het zelfs. Maar toen ik, éénmaal uitgelunched en uitgebuikt, de deur van het Goudkantoor uitstapte, was het al bijna weer droog. En ach, dacht ik, wat maakte het uit als het weer wat meer zou gaan sneeuwen? Ik had immers een muts op en handschoenen aan en een lekker warme jas en warme laarzen. Ook vond ik dat ik eigenlijk sowieso niet mocht zeuren over die paar vlokken, met die nieuwsberichten over de sneeuwstorm in het oosten der VS in mijn achterhoofd. 

Tijdens de wandeling had ik wind mee, dat beetje dat er stond dan tenminste dus dat was ook alweer fijn. De zon brak even later door de wolken, en toen was het wel heel fijn lopen langs de singels. Op het Emmaplein gekomen bleef ik verbaasd en verrukt even staan kijken, want er bloeiden sneeuwklokjes. Middenin de sneeuw deden ze hun naam eer aan, maar toch was het ontzettend fijn om zo een kleine voorbode van de lente te zien! Er niet ver vandaan was een bankje, uit de wind en in de zon, en daar ben ik even gaan zitten. Op zondag komt er daar maar weinig verkeer langs, en ook weinig mensen. Middenin de stad is het even heerlijk rustig en ben je ver verwijderd van de normale stadse herrie en het druk gemurmureer. En de zon was zowaar al een beetje lekker warm.

En daar heb ik de halve middag gezeten, op een bankje in de zon genietend kijken naar bloeiende sneeuwklokjes. En ik vond het zalig!

vrijdag 8 februari 2013

Rugtas-aktentas-handtas-dinges-geval


Zoals de meeste vrouwen heb ik meestal een handtasje bij me. En heel stereotiep sleep ik daarin meestal veel te veel spulletjes mee (en nee, dat noem ik geen “zooi”, het zijn spulletjes), waardoor zo’n tas best wel zwaar wordt en mensen vragen: “Jeetje wat sleep jij in vredesnaam allemaal mee in dat zware ding?”
Zo af en toe krijg ik dan het idee om mijn handtas eens op te ruimen, of om een kleinere handtas in gebruik te nemen, waar veel minder in kan. Tenslotte, als je minder ruimte hebt móet je wel minder meenemen, nietwaar? Maar als ik dan ging kijken wat ik allemaal uit mijn tasje kon mikken, kreeg ik meestal een lijstje van nul dingen die uit mijn handtas konden. Op mijn manier had ik alleen maar nuttige spulletjes bij me. Dus uiteindelijk bleef ik met die zware handtas rondlopen. Ik was gewoon een hopeloos geval, en moest er maar mee leren leven dat ik zo’n muppet was, dacht ik dan.

Tot ik een keer iemand zag lopen in de Stad met een rugtas. Niet zo’n gewone van Kipling of O’Neill of zo, maar een hele nette. Eigenlijk was het meer een aktentas, maar dan eentje die op de rug gedragen kon worden. Het zag er keurig uit, en ook heel wandelbaar. Ik nam me voor om zelf ook naar zo’n ding te gaan kijken, want zo’n ding als rugtas-aktetas-handtas-dinges, dat leek me wel wat. Veel makkelijker met wandelen, en toch netjes. 
Na veel weken ieder weekend even gaan kijken in de tassenwinkels en op de markt, vond ik uiteindelijk wat ik zocht. Een keurige donkerbruine aktentas, waar al mijn spulletjes prima in konden en die ik zowel als schoudertas als als rugtas kon dragen. En hij kan op slot, en dan ook nog binnenin een vak onder rits, waar mooi mijn portemonnee in kan, zodat hij niet gerold wordt. Die tas heb ik gekocht, en uiteraard draag ik hem als rugtas. 

Het is fijn om met zo’n tas te kunnen lopen. Omdat het gewicht dan verdeeld is over beide schouders, word je tijdens het lopen niet één kant op getrokken, en krijg je dus geen last van je rug op de lange duur. En hij is groot genoeg om een halfliterflesje met water in te doen, en dat is in de zomer wel prettig tijdens het wandelen. En dan past er ook nog prima een anwb-wandelroute-boekje ofzoiets in.  

Uiteraard heb ik hem al uitgetest: comfortabele cowboylaarzen aan, handtasrugtas op de rug en lekker in de Stad een lekker stukje wandelen, van de Grote Markt naar de Westerhaven en dan over de singels naar de Rademarkt, rechtsaf over de brug en dan zo naar het Hoofdstation. 

Heerlijk! 

Ciao,
Ingrid.

maandag 7 januari 2013

Wandelend weerbaar

"Kom", dacht ik laatst, "laat ik eens naar de stad wandelen". Dat had ik sinds mijn overspannenheid niet meer gedaan. Het was droog en het zou droog blijven, dus die dag was een mooie dag om weer met naar-de-stad-lopen te beginnen, zo dacht ik. Het was boven nul, dus ik kon lekker zittende cowboylaarzen aantrekken in plaats van de lelijke verstandige sneeuwlaarzen. Jas aan, sleutels mee, en ik kon op pad.

Het eerste stuk van de wandeling leidt door mijn wijk en dan een stukje over de brug over de ringweg en het fietspad richting de draaibrug. Daarna loop je gewoon de weg af, de hoek om en weer de weg af en dan ben je er. "Immer gerade aus und links um die Ecke", noemde een kennis van mij dat vroeger altijd. Het gebeurde op het eerste stuk.

Er kwam een meneer naast me lopen. Ik had mijn hoortoestelletjes niet in, en kon dus maar moeilijk verstaan wat hij zei. Eerlijk gezegd deed ik er ook niet veel moeite voor, want hij had iets griezeligs. Ik ving de woorden "hoer" en "lekkere slet" op, en iets over wat drinken bij hem thuis. Dit was niet goed. Dit was helemáál niet goed. "Waarom komen ze ook altijd achter míj aan!", dacht ik kwaad bij mezelf. Paniekerig probeerde ik te bedenken wat we op weerbaarheidscursus geleerd hadden over een situatie als deze. Rustig en diep ademhalen. Gronden. Rechtop staan. Zelfvertrouwen uitstralen. Denk aan het plankje dat je doorgeslagen hebt. Dat je sterker bent dat je denkt. Duidelijk zeggen wat je niet en wel wilt en waarom. Van je af slaan als het moet. 
Voordat ik iets kon doen, hoorde ik een vrouwenstem achter me roepen:"hey hallo!". Een onbekende vrouw kwam naar me toe, omhelsde me omstandig en riep iets over "zo lang niet gezien". De hond die ze bij zich had gromde naar de lastigvallende man, die ik geen meneer meer wil noemen en die zich inmiddels had omgedraaid en vlot wegliep. 

We liepen samen een stukje op terwijl de zwart-wit gevlekte hond om ons heen dartelde. "Sorry hoor", zei ze, "maar ik stond naar buiten te kijken en zag wat er gebeurde. Ik heb mijn jas gepakt en de hond geroepen en ben naar buiten gerend". Ik wist even niet wat ik zeggen moest, helemaal overdonderd wist ik uiteindelijk een zacht "bedankt" er uit te wringen. Ik wist weer waarom ik ooit gestopt ben met naar de stad lopen. 
"Nou, hier moet ik naar rechts", zei de onbekende mevrouw. Ik omhelsde haar, nu echt, en bedankte haar dat ze gedaan had wat ze gedaan had. "Geen probleem", zei ze,"zolang je maar wel belooft dat je, als je het ooit tegenkomt, voor een ander doet wat ik net voor jou heb gedaan. Mensen moeten lief en vriendelijk voor elkaar zijn." Ze zwaaide ten afscheid. "Fijne feestdagen!", riep ze nog.

Terwijl ik verder liep zakte mijn hart, die bovenin mijn keel zat, langzaam terug naar zijn normale plek in mijn borstkas. Brrrr. Het vaste voornemen om voor een ander te doen wat die volkomen onbekende vrouw voor mij gedaan had, verankerde zich met iedere stap steviger in mijn denken. 

Naastenliefde is iets heel moois.

Ciao,
Ingrid.